Mythen en legendes

Het Zwarte Woud ligt uitgestrekt over een gebied van Karlsruhe tot Donau en van Pforzheim tot Lörrach met zijn dennenbossen, weilanden en bergmeren. Er zijn kloosters, kastelen en ruïnes – prachtige plekken waar bijzondere dingen kunnen gebeuren. Plekken waar sprookjes ontstaan: eng, grappig, speels, mysterieus en mythisch.

Mensen die mythen verzamelden en vastlegde luisterde naar waar de mensen in geloofden, vooral oude mensen, vertelde de verhalen die zei van hun grootouders te horen hadden gekregen. Tijdens de lange avonden in de winter, kwamen de mensen samen tijdens het spinnen of houtbewerken. Op deze momenten hoorde mensen graag wat de goede of slechte fantasie wezens gedaan hadden.

De magiërs en tovenaars verschenen in vele gedaantes. Ze kwamen als zogenaamde Freischützen, schutters die samen met de duivel kogels afvuurde, kogels die hun doel in het donkere woud altijd raakte. Of ze kwamen als weerwolven, zoals de wolf in Freudenstadt die altijd een mals schaap ving voor zichzelf, een opmerkelijke prestatie, omdat hij nooit gezien is. Toen de jager wakker bleef en de wolf dood schoot, bleek een inwoner van het dorp de volgende ochtend gewond in bed te liggen

Er waren geesten zoals de twee monniken van St. Blasien. De twee hadden ongenadig bezittingen van de abdij gestolen, waardoor ze na hun dood altijd nog rondspoken. Ze werden uiteindelijk uitgebannen door een monnik van Staufen welke de geesten uitdreef, opsloot in zakken en ze van de Feldberg afgooide, het Feldsee meer in. Diep in dit meer woonde de “ErdMännlein” – dwergen die hielpen wanneer dat nodig was.

Mensen als Knecht Ruprecht von Bärenfels hadden een hekel aan zulke helpers: Zijn zus, welke hij uitgehuwd had aan Knecht Bruno von Steinegg, was diep ongelukkig. Toen ze vluchtte en werd achtervolg door haar broer en de woedende Knecht Bruno, lieten de dwergen haar een geheime weg zien naar een geheime grot. De achtervolgers kwamen dichterbij de smalle kloof, maar werden verpletterd door vallende rotsblokken.

De geheime schuilplaats was de druipsteen grot in Hasel, in het zuiden van het Zwarte Woud. Er waren vanzelfsprekend ook vrouwelijke dwergen, vol goede eigenschappen. Vaak genoeg vertellen de legendes over gestoorde vrouwen: weer heksen, kruiden heksen en ketel heksen, die hun kwade praktijken overal in het Zwarte Woud beoefende. Het ergste van de heksen sprookjes zijn de consequenties ervan in het echte leven. Als vrouwen werden verdacht van hekserij, dan volgde een marteling met ondervraging, zoals blijkt uit talloze verslagen.